Een neef

,,En Paulus zei:”Leid deze jongeman naar de overste, want hij heeft hem iets te berichten”.

                                                                                                                       Handelingen 23:17.

Na een verhoor over zijn leer en leven is de apostel Paulus weer in het legerkamp gebracht. Gered door Romeinse soldaten, anders was hij op een gruwelijke manier vermoord. In de daarop volgende nacht maakt de Heere God hem duidelijk dat zijn levenstaak nog niet voorbij is. ,Heb goede moed Paulus, want zoals u te  Jeruzalem van mij getuigd hebt, zo moet u ook te Rome getuigen(:11). Toen kon hij zingen:

,,Maar trouwe God gij zijt
Het schild, dat mij bevrijdt,
Mijn eer, mijn vast betrouwen”.

Intussen is hij nog wel een gevangene en omringd door vijandig gezinde mensen. Die maken een strategisch plan om hem te doden. Een veertigtal fanatiekelingen besluiten de volgende morgen in hongerstaking te gaan tot zij hem hebben omgebracht. In overleg met de overpriesters en ouderlingen zullen die aan de overste en de raad vragen hem nog eens te verhoren. Onderweg van citadel naar rechtszaal zullen zij hem dan doden. Dat is een levensgevaarlijk plan. Ze zullen het met z’n veertigen moeten opnemen tegen Romeinse soldaten. Als de aanslag mislukt dan kost het hun leven. Dat willen ze er wel op wagen, in verblindende haat tegen die man. Hij is immers een groot gevaar voor de samenleving. Zijn evangelieboodschap over de opgestane Christus en de opstanding der doden is in hun beleving de reinste godslastering. Als er één is die hun redenering begrijpen kan is het Paulus zelf. Hij heeft zo ook gedacht voor zijn bekering.

Ook nu nog, zoveel eeuwen later, beramen fanatiekelingen plannen om hun medebroeders en zusters in de moslimwereld en christenen  koelbloedig te vermoorden.

Op wonderlijke wijze komt Paulus achter hun snode plan. Eén van de veertig, een overpriester of ouderling heeft kennelijk zijn mond voorbijgepraat en het plan is voortijdig uitgelekt. Zo hoort een Jeruzalemse jongen van het complot, aangespannen tegen zijn oom. Anne de Vries vertelt in zijn kinderbijbel: ,,een heel gewone jongen, misschien niet ouder dan een jaar of twaalf. Niemand weet hoe hij achter het geheim gekomen is van het valse complot. Misschien heeft hij hen in een verborgen hoekje beluisterd. Misschien was zijn eigen vader er wel bij betrokken en heeft hij thuis iets opgevangen, toen er over gesproken werd, maar toen hij het hoorde, toen gloeiden zijn wangen van verontwaardiging. Toen kwam heel zijn jonge hart in opstand tegen dat goddeloze plan. Hij hield van zijn oom, van die held, die zulke grote reizen maakte door allerlei vreemde landen. Hij nam zich dadelijk voor, dat hij al zijn best zou doen om het leven van oom Paulus te redden. Dat het gevaarlijk was dat kon hem niet schelen. Dat ze hem misschien vermoorden zouden, wanneer ze merkten dat hij hun plan verraden had, daar dacht hij niet over na”.

Veertig fanatiekelingen en de Heere God schakelt een jongen in om hun voornemen te verijdelen. Die trekt de stoute schoenen aan en klopt aan bij de. gevangenis om zijn oom te waarschuwen. Hij kan zijn verhaal ook bij de overste kwijt en die schenkt hem zijn vertrouwen. Afgesproken wordt dat hij zijn mond zal houden, over zijn waarschuwing. Dit, voor zijn eigen veiligheid en opdat het reddingsplan kans van slagen heeft. Paulus wordt de volgende nacht voor zonsopgang onder zware militaire begeleiding naar Cesarea gebracht. Twee hoofdmannen, tweehonderd soldaten, zeventig ruiters en tweehonderd schutters begeleiden hem. Veertig fanatiekelingen en de Heere God rekruteert een complete legermacht. Wie kan het wijs beleid van de Heere God doorgronden?

Toen kon Paulus weer zingen:
,,Heilig zijn, o God, uw wegen,
Niemand spreekt Uw hoogheid tegen;
Wie, wie is een God als Gij,
Groot van macht en heerschappij?”

Zò handelt de Heere God. Kleine oorzaken hebben vaak grote gevolgen. Kleine mensen, jonge mensen, kunnen door de Heere God worden ingeschakeld om Zijn medearbeiders te zijn. Het neefje van Paulus, misschien heeft hij het zelf zo nooit begrepen, mocht een instrument zijn in Gods hand om het leven van Gods dienstknecht te redden. Om zijn belofte waar te maken, zodat Paulus uiteindelijk in Rome terechtkomt. Opdat het evangelie van de gekruisigde en opgestane Christus in Rome en in Den Haag zou koen. Het leert ons dat we niet te gauw moeten denken dat de Heere God ons nergens voor gebruiken kan. Dat ene woord, dat ene gebed, die ene daad van u kan veel betekenen als de Heere het gebruiken wil. Niet onze, maar Zijn grote naam alleen  eeuwig dank en eer voor alles wat Hij deed en doet.

Iz. Born