Uw verwachting bijstellen

Roep tot Mij, en Ik zal u antwoorden, Ik zal u grote en onbegrijpelijke dingen bekendmaken, die u niet weet“. (Jeremia 33 vers 3)

Soms heb je ergens hoge verwachtingen van, maar moet je die verwachtingen halverwege bijstellen omdat je bepaalde zaken te idealistisch had voorgesteld. Voor je gevoel is dat een stap terug en moet je met minder tevreden zijn. In het geloof zijn we ook snel geneigd om met minder genoegen te nemen dan de Heere God in en door ons heen wil doen. In Jeremia 32 vers 27 zegt de Here God: “Zie, Ik ben de Heere, de God van alle vlees. Zou ook maar iets voor Mij te wonderlijk zijn?” Ik denk dat ieder van u die dit leest daarop zoiets zal antwoorden als: “Nee, U bent de Almachtige en voor U zijn er geen beperkingen”. Maar hoe zit dat in de praktijk van uw leven? En die vraag stel ik ook aan mijzelf. Wanneer wij in moeilijkheden terecht komen, beginnen we al snel in het geloof te wikken en te wegen. We stellen onze (geloofs)verwachtingen van datgene dat de Heere God kan doen om ons te helpen naar beneden bij. Met ons verstand weten we wel dat Hij wonderen kan doen. Maar dat is voor ons vaak niet hetzelfde als dat we ook werkelijk geloven dat Hij het doen kan en wil in onze moeilijke situatie van dat moment.

Wanneer de Heere God tot ons spreekt, op wat voor manier dan ook, is onze volgende stap er het bewijs van hoe groot ons geloof en vertrouwen in Hem is. Ongeacht wat we op dat moment van Hem beleven of ervaren. Toen Mozes van de Heere God te horen kreeg dat Hij het volk Israël uit Egypte zou gaan verlossen door zijn hand, ging Mozes daar tegenin. Hij wierp allerlei blokkades op om er onderuit te komen. Hij ging regelrecht tegen de Heere God in. Hij zag het niet zitten om naar de Farao te gaan omdat hij bang was dat hij gedood zou worden. Bovendien kon hij helemaal niet goed uit zijn woorden komen. Hij vond zichzelf totaal ongeschikt voor deze taak. Natuurlijk geloofde Mozes dat de Heere God de Almachtige is en dat er voor Hem niets te wonderlijk zou zijn. Hij had een groot geloof, maar dat geloof was niet groot genoeg om te vertrouwen en te aanvaarden dat de Heere God Zijn wonderen door hem heen zou kunnen doen. Hij gaf steeds weer tegengas, maar dat heeft er wel voor gezorgd dat zijn bediening voor de rest van zijn leven beperkt gebleven is. De Heere God had het plan om door Mozes de strijd aan te gaan met de Farao, maar vanwege alle bezwaren van Mozes heeft de Heere God zijn broer Aaron naar hem toegestuurd. Die zou nu in zijn plaats het woord doen met het volk Israël en de Farao. (Exodus 4 vers 13 t/m 16)

Voor de Heere God zijn er geen beperkingen. Er is niets of niemand die Hem tegen kan houden, hoewel ons ongeloof voor Hem een behoorlijke sta-in-de-weg kan zijn. Wanneer u bij uzelf dat ongeloof tegenkomt, vraag Hem dan of Hij u wilt leren om in geloof en gehoorzaamheid te reageren op de dingen in uw leven. Want Hij zegt het zelf: “Roep tot Mij, en Ik zal u antwoorden, Ik zal u grote en onbegrijpelijke dingen bekendmaken, die u niet weet”.

Ad Vastenhoud