Heb al uw broeders lief / Vrees God (1 Petr. 2:17)

Heb al uw broeders lief / Vrees God (1 Petr. 2:17)

Twee heilzame adviezen. Allereerst: Heb al uw broeders lief. Even tussen haakjes: Zusters hoefden in die tijd niet apart genoemd te worden. Ze waren bij die broeders inbegrepen. Wij mogen dus lezen: Heb uw broeders en zusters lief. Zijn wij broeders en zusters van elkaar? Sommige van u zijn door de band van het bloed aan elkaar verbonden, maar dat geldt lang niet voor ons allemaal. Wat Petrus hier zegt is dus eigenlijk heel revolutionair. Zoals broers en zussen in een gezin met elkaar verbonden zijn, zo zijn jullie als leden van de gemeente van Christus met elkaar verbonden. Broers en zussen hebben wel eens ruzie, maar doorgaans is de band heel sterk. Die breekt echt niet zomaar. En juist bij een conflict wringt het. Want het is en blijft je broer, je zus. Kijkt u ’s zondags wel eens om u heen? Die man voor u, dat is uw broer. Die vrouw naast u, dat is uw zus. Elkaar liefhebben (in bijbels perspectief), dat is niet: ‘We hebben wel wat met elkaar. We voelen elkaar goed aan. We kunnen goed met elkaar opschieten.’ Elkaar liefhebben (in bijbels perspectief) gaat veel verder. Dat is liefhebben, zoals Christus ons heeft liefgehad. De ander kwetst je. Doet jou pijn. Dat benoem je ook. Alleen. Je slaat niet terug. Je bant de woede uit je hart. Je blijft gericht op die ander. Je kunt niet anders dan vergeven. Want zo deed en doet Jezus ook met jou. Is dat makkelijk? Nee, als het er echt om spant, dan lukt het vaak niet. Dan laten we het afweten. Dan kunnen die liefde niet opbrengen. We zijn er ook niet op aanspreekbaar. Want besef jij wel wat die ander mij heeft aangedaan?! Zo loopt menigeen vast. Denkt u dat het de gemeente als geheel ten goede komt? Heb uw broeders en zusters lief: Niets is zo heilzaam dan dit advies. Als u deze oproep van Petrus in de praktijk brengt, dan zult u een goed seizoen tegemoet gaan. Want waar liefde woont, gebiedt de Heer zijn zegen. Kunt u het niet opbrengen? Neem de toevlucht tot Christus. Doe het. Drink zijn liefde, voor u, in. Laat het uw hart zacht maken. Laat de liefde van Christus toch door u heen stromen.

Vrees God. Moeten we daar ook wat mee in het nieuwe seizoen? Laten we eerst helder proberen te krijgen wat Petrus hier bedoelt. Vrees God. Dat betekent: Heb ontzag voor God. Laat je hart altijd vervuld zijn met een diepe eerbied voor zijn grootheid, zijn heiligheid, zijn macht, zijn majesteit, zijn toorn en zijn liefde. Ontzagwekkend is onze God. Beseffen we dat altijd? Nee, want dan zou ons leven er heel anders uit zien. Wie ontzag voor God heeft, die zal altijd vol eerbied over God spreken, die zal altijd eerlijk zijn, die zal opstaan voor iemand met grijs haar. Met andere woorden: In de bijbel is ontzag voor God de sleutel tot, het geheim van, een leven tot eer van God. Immers: De vreze des Heeren is het begin van alle wijsheid. Heb ontzag voor God, opdat u niet zondigt. Van wie of wat zijn we onder de indruk? Wie of wat is bepalend voor de wijze waarop we in het leven staan? Heb ontzag voor God. Diepe eerbied. Laat zijn grootheid, zijn heiligheid, zijn majesteit, voortdurend tot je doordringen. Als u deze oproep van Petrus in de praktijk brengt, dan gaan wij een goed seizoen tegemoet. Dan zal God ons zegenen. Want ontzag voor de Heere is een bron van leven. Wie is de man die de Heere vreest? God onderwijst hem in de weg die hij moet kiezen. Zijn ziel overnacht in het goede. Vertrouwelijk gaat de Heere om met wie Hem vrezen. Zijn verbondsgeheimen maakt hij hun bekend. De engel van de Heere legert zich rondom hen die Hem vrezen, en Hij redt hen. De Heere is degene die Hem vrezen, goedgezind. Zoals een Vader zich ontfermt over zijn kinderen, zo ontfermt de Heere zich, over wie Hem vrezen. Welzalig de man die de Heere vreest.

L.J. Vogelaar

(afbeelding: glas-in-lood raam in de Johanneskirche in Hambuch, Duitsland. Foto door GFreihalter, licentie Creative Commons)